|
De druk op onze olievoorraden neemt echter steeds toe. De vraag naar olie zal de komende twintig jaar steeds groter worden. De Europese Commissie schat dat tegen 2030 de 27 landen van de Europese Unie 93 procent van de olie die zij nodig hebben zullen moeten importeren. En bovendien lijkt het waarschijnlijk dat bestaande oliebronnen niet aan deze stijgende vraag zullen kunnen voldoen. Olie zal de komende jaren een enorm belangrijke energiebron blijven, maar het is wel duidelijk dat we technologieën en energiebronnen moeten ontwikkelen die ons op de allerefficiëntste olie laten gebruiken.
Kunststof is één manier om ons te helpen het best gebruik te maken van de olie die we hebben. Dit lijkt op het eerste gezicht tegenstrijdig: als kunststoffen van olie gemaakt worden, hoe kunnen ze dan helpen olie te besparen? Het is een feit dat kunststoffen zo veel energie besparen – of ze nu zitten in verpakking, lichtgewichtauto’s, of isolatie voor gebouwen – dat ze de olie die voor productie nodig is meer dan ‘terugbetalen’. Bovendien is er toch al heel weinig olie om kunststoffen te maken: van slechts 4 procent van de wereldvoorraad aan olie wordt kunststof gemaakt.
Bronnen voor hernieuwbare energie zullen ook heel belangrijk zijn om ons te helpen onze olievoorraden zo goed mogelijk te gebruiken. De EU heeft als doelstelling besloten tegen 2020 20 procent van de energiebehoefte te halen uit hernieuwbare bronnen, en dat betekent dat regeringen manieren moeten vinden om het gebruik van technologieën als wind, waterkracht en zonne-energie te verhogen.
Aangezien kunststoffen in wezen een vaste vorm van olie zijn, kunnen ze aan het eind van hun levensduur ook nog als energiebron gebruikt worden. Veel landen wekken energie op uit de afvalkunststoffen die zij niet kunnen recyclen en helpen zo nog meer olie te besparen.
|